Nu de hemel is afgeschaft willen we hem hier op aarde

Deze week ruimde ik mijn enorme stapel tijdschriften eens goed op. Naast de Ottobre’s (naai-inspiratie die af en toe in de brievenbus valt), de met de beste bedoelingen bewaarde Kampioenen en Spoor-en, lagen er heel wat Flow’s op de stapel. Die laatsten legde ik apart om toch weer eens te lezen.

Het leuke aan de Flow vind ik dat er geregeld iets extra’s bijzit. Een bijlage over boeken bijvoorbeeld, met tips om meer uit de leeservaring te halen. (Lees de eerste zin met aandacht en herlees deze als je het boek uit hebt, hoe verschillend beleef je nu deze zin?). Of een mooi schriftje om in op te schrijven wat er goed is in je leven en je aan het denken te zetten.

‘Nu de hemel is afgeschaft willen we hem hier op aarde’ is een quote uit één van die Flow’s die ik op de stapel vond. De tekst resoneerde heel erg bij mij. Op dit moment ben ik herstellende van een burn out en ik kan je vertellen, dat is zeker geen hemel op aarde. Tegelijk is het wat het is. Misschien wel de waardevolste les die ik in de afgelopen maanden heb mogen leren, is dat het goed is zoals het is. Er zijn goede dagen, er zijn minder goede dagen. Soms weet je waarom een dag goed, of vooral minder goed is. Soms weet je het niet, of kun je niet kiezen uit de verschillende redenen die je welzijn op dat moment negatief beïnvloeden. Het is wat het is.

Het leven kent hemelse momenten en de kunst is om daarvan te genieten maar ze ook weer te kunnen loslaten.

Het ideaalbeeld van een ‘hemel op aarde’ is niet bereikbaar. Tenminste niet permanent. Het leven kent hemelse momenten en de kunst is om daarvan te genieten maar ze ook weer te kunnen loslaten. Het leven kent ook rauwe dieptepunten en de kunst is deze aan te gaan zonder te verkrampen.

In het kader van mijn herstel heb ik een cursus Mindfulness mogen doen. Samenvatten wat deze cursus omvat en wat ik hier heb geleerd vind ik heel lastig. Ondertussen voel ik wel dat ik er heel wat wijzer door ben geworden. Het christelijke geloof waarmee ik ben opgevoed heb ik losgelaten. Ik ben niet (meer) kerkelijk, en geloof ook niet in een opperwezen, of in een hiernamaals. Ik heb de hemel afgeschaft. Maar de onzekerheid van het mens-zijn, het gevoel ‘waartoe zijn wij hier op aard’, het zoeken naar antwoorden, dat is er niet minder om geworden.

De afgelopen maanden ben ik ook meer gaan lezen uit de boedhistische traditie. Ergens las ik dat de onzekerheid over hoe wij onze tijd hier op aarde goed kunnen invullen is wat ons mensen verbindt. Vroeger werden we verbonden in de verschillende zuilen vanuit ons geloof in een bepaalde vorm van hiernamaals.

In plaats van te zoeken naar de ‘hemel op aarde’ en in perfecte kringetjes (social media) rond te draaien, probeer ik me meer bewust te zijn van de onzekerheid die ons verbindt. Van mens tot mens

Overgave

Gisteren las ik bij prinses op de kikkererwt over het (borst-)voeden van haar tweelingdochters en de overgave die daarvoor nodig is. Het maakte mij even weemoedig naar de prachtige, en soms ook lastige, periode waarin ik twee keer een baby mocht borstvoeden tot in de peuterfase.

“Dat het leven anders is, als je kleine kinderen te verzorgen hebt.”

Het woord overgave bleef hangen. Vanochtend fietste ik naar een yogales en realiseerde ik me dat het ouderschap volop bestaat uit overgeven. Een overgave die je niet bevat voordat je de zorg hebt over een kind. Een overgave die o zo logisch is als je een klein hummeltje in je handen houdt. Een hummeltje dat afhankelijk is van anderen voor voedsel, voor verzorging en voor liefde. Iedereen begrijpt dat je daar als ouders hoge prioriteit aan geeft. Dat het leven anders is, als je kleine kinderen te verzorgen hebt.

Diezelfde overgave blijft nodig, maar is veel minder vanzelfsprekend, als je kinderen groter worden. Wie anders dan de ouders kan zich overgeven aan een kind dat slecht doorslaapt en jouw nabijheid nodig heeft om donkere nachtelijke momenten te overwinnen? Wie anders dan de ouders komen op voor een kind dat op school extra aandacht moet krijgen? Wie anders dan de ouders fietsen op en neer naar school, zwemles, sport, muziek en moedigen de kinderen aan hun best te doen, om mee te doen, om zich te laten zien. Wie anders dan de ouders helpen hun kind speelafspraken te maken, cadeautjes te knutselen, groter te groeien?

En ja, veel dingen worden makkelijker als de kinderen groter worden. De basisbehoeften, zoals eten, slapen, schoon zijn, die worden steeds meer zelfstandig gedekt. Maar de basisbehoefte gezien te worden, een relatie te hebben met de wereld om je heen, om vertrouwen te krijgen en autonomer te mogen worden. Die behoeften moeten door de ouders gefaciliteerd worden.

Gelukkig voor de meeste ouders kun je die basisbehoeften samen creëren voor je kind of kinderen. Kun je stukjes ervan uit handen geven, aan de juf op school, aan degene die voor jouw kind zorgt als jij er even niet bent, aan familieleden die een rol spelen in het leven van de kinderen.

“dat ouderschap voortdurende overgave is.”

“En dat ik dat soms moeilijk vind.

Terug naar het woord overgave. Ik realiseerde me weer eens, op de fiets waar mijn gedachten rondzongen op het tempo van mijn pedalen, dat ouderschap voortdurende overgave is. En dat ik dat soms moeilijk vind. Ik wil graag mijzelf zijn, naast alle rollen die ik heb. Maar misschien kan ik me iets meer overgeven aan die rollen. Zodat ik mijn aandacht meer bij mijn kinderen heb, als ik bij ze ben. Maar ook meer bij mezelf kan hebben als ik dan even later op dat yogamatje lig. En weer meer de manager van het huishouden ben als ik in de supermarkt loop. Wat meer de professional ben, als ik achter mijn bureau zit en vervolgens thuis weer volop moeder en na kinderbedtijd partner kan zijn. Overgave aan elk van de rollen in plaats van telkens een verwaterde mengelmoes? Ik ga het eens proberen.

Overgave.

Reminiscence

Toen mijn Opa en Oma in 2006 50 jaar getrouwd waren, scande ik deze foto’s in. Ik maakte er 3 verschillende versies van één uitnodiging mee. Zij kozen zelf de versie die zij het mooiste vonden. En vooral Opa was erg trots op de mooie uitnodiging die ik voor ze had gemaakt.

Nu is Opa er niet meer.

En in het gezicht van Oma zie ik ineens bekende lijnen. Trekken die ik ook in mijn eigen gezicht terugzie. En dat terwijl ik altijd dacht vooral op de familie van mijn vader te lijken…